In Nieuws

Problemen rond de invoering van een minimum inhuurtarief voor ZZP’ers vertragen de invoering van nieuwe wet DBA tot 2021. Het kabinet is bang dat het huidige plan in strijd is met de Europese wet.

Dit schrijft minister Koolmees (Sociale Zaken en Werkgelegenheid) in een brief aan de Tweede Kamer. De brief is een tweede voortgangsupdate over de de uitwerking van de wetgeving ter vervanging van de Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (Wet DBA). De plannen van de minister, waaronder het mogelijke minimum uurtarief, zijn mogelijk in strijd met Europese regels.

Europese regels
Het ministerie van SZW is tot de conclusie gekomen dat het idee van een minimum inhuurtarief in strijd zou kunnen zijn met het EU-recht. Over de Arbeidsovereenkomst bij Laag Tarief (ALT) schrijft de minister: “Op basis van eigen analyse van alle informatie komt het kabinet tot de conclusie dat het risico substantieel is dat de ALT-maatregel strijdig is het met EU-recht. Met name de omzetting van de overeenkomst van opdracht van de zelfstandige die onder de ALT valt naar een arbeidsovereenkomst levert spanning op, omdat dit waarschijnlijk inbreuk maakt op de vrijheid van vestiging (art. 49) en de vrijheid van dienstverrichting (art. 56) van zelfstandigen in het EU-Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU).”

Om deze reden zal het kabinet naast de uitwerking van de ALT ook kijken naar alternatieve opties.

Opdrachtgeversverklaring
Het kabinet heeft ook de “afgelopen maanden een aantal belangrijke stappen gezet” met het uitwerken van de opdrachtgeversverklaring. De uitwerking hiervan ligt op schema en is naar verwachting eind 2019 gereed. Dit geldt ook voor de verduidelijking van het gezagscriterium in het handboek loonheffingen.  Met de verduidelijking van het gezagscriterium krijgen opdrachtgevers een handvat om zelf te beoordelen of er sprake zou moeten zijn van een dienstbetrekking.

Start typing and press Enter to search